Meer mogelijkheden voor opschorting van leegstandsheffing

De eigenaar van een bedrijfspand dat is opgenomen op de inventaris van de leegstaande of verwaarloosde bedrijfsgebouwen, kan een verzoek tot opschorting van heffing indienen in het kader van een brownfieldconvenant of van een goedgekeurd bodemsaneringsproject. Deze mogelijkheid werd op 21 juli 2012 ingevoerd bij decreet. Een besluit regelt nu de praktische afwikkeling.

Het besluit voert ook kleine wijzigingen door in de aanvragen voor financiële steun bij de verwerving en sanering van bedrijfspanden ui t de leegstandsinventaris.

Schorsing van heffing

Een eigenaar die opschorting van heffing wil krijgen voor onroerende goederen die het voorwerp uitmaken van een definitief gesloten brownfieldconvenant, of van een door de OVAM conform verklaard bodemsaneringsproject, moet zijn verzoek aangetekend bezorgen aan het departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed (departement RWO). Hij moet bij zijn aanvraag een kopie voegen van het definitief gesloten brownfieldconvenant, of van het door de OVAM conform verklaarde bodemsaneringsproject.

RWO moet binnen een termijn van 30 dagen beslissen of het departement het verzoek tot schorsing aanvaardt. Na die termijn mag de aanvrager ervan uitgaan dat zijn verzoek tot schorsing stilzwijgend werd toegestaan.

Brownfield

Een brownfieldconvenant is een overeenkomst tussen de eigenaars van meerdere percelen en diverse overheden, waarin zij zich engageren om een brownfield te saneren zodat het opnieuw in gebruik kan worden genomen. Een brownfield bestaat uit verwaarloosde of onderbenutte percelen die zodanig zijn aangetast dat zij kennelijk slechts opnieuw gebruikt kunnen worden na structurele maatregelen.

De opschorting van leegstandsheffing bij een brownfield loopt tot het einde van het convenant. Dat kan dus tientallen jaren duren. Maar opgelet! Als de verwaarlozing of leegstand na de beëindiging van het brownfieldprogramma nog altijd bestaat, zal de aanvrager alle achterstallige heffingen toch nog moeten betalen. Mét verwijlinteresten?

Bodemsaneringsproject

De schorsing bij bodemsanering loopt tot de datum waarop de OVAM een eindverklaring aflevert en dus officieel vaststelt dat de doelstellingen van de sanering gerealiseerd zijn.
Hier wordt de schorsing van heffing maar voor 5 jaar toegekend. Zo wil men de eigenaar aansporen om werk te maken van de sanering.

Ook hier geldt dat de geschorste rechten opnieuw verschuldigd worden, met interesten, als de leegstand of verwaarlozing voortduurt na de beëindiging van het bodemsaneringsproject.

Tweemaal nadenken bij verkoop

Als de eigenaar een onroerend goed met schorsing van leegstandsheffing wil verkopen, zal hij de geschorste rechten, met verwijlinteresten, moeten achterdragen.

Steun bij sanering

OCMW's, gemeenten, verenigingen van gemeenten, sociale huisvestingsmaatschappijen, provinciale ontwikkelingsmaatschappijen en het Vlaams Woningfonds kunnen substantiële financiële steun krijgen van de Vlaamse overheid voor de verwerving en sanering van percelen uit de leegstandsinventaris in het kader van een vernieuwingsproject.

Particulieren en privaatrechtelijke rechtspersonen die recent eigenaar werden van een goed uit de inventaris, kunnen eveneens steun krijgen, maar alleen voor de sanering, niet voor de verwerving van de geregistreerde percelen.

In de aanvraagdossiers moet een zogenaamde ?basisstudie' zitten, met een kostenraming, een timing, informatie over de te realiseren herbestemming, enz. Daar moet nu ook het bewijs in zitten dat meldingsplichtige werkzaamheden, effectief werden aangemeld.
Voor vergunningsplichtige handelingen bestond er al zo'n bewijsplicht.

De inhoud van de aanvraagdossiers wordt, waar nodig, aangevuld met een kopie van de stedenbouwkundige vergunning voor de saneringswerken of een bewijs van de aanmelding van de saneringswerken.

In werking

De mogelijkheid om een verzoek tot schorsing van leegstandsheffing in te dienen in het kader van een brownfieldconvenant of een bodemsaneringsproject, is decretaal ingegaan op 21 juli 2012. Het besluit met de schorsingsprocedure treedt echter pas 10 dagen na publicatie in werking. Dat is op 15 juni 2013.

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2013 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 (Leegstandsbesluit) tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, wat de voorwaarden betreft voor het indienen en aanvaarden van verzoeken tot opschorting van de heffing voor bepaalde onroerende goederen en tot aanpassing van sommige voorwaarden voor de aanvraag en de uitbetaling van financiële steun voor saneringswerkzaamheden, BS 5 juni 2013.

Decreet van 22 juni 2012 houdende wijziging van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, BS 20 juli 2012.

We gebruiken cookies om uw taalvoorkeur bij te houden en surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer weten[OK]