Risicoinrichting, inventaris, overdracht van vrijstelling, vermengde verontreiniging en nog veel meer in Diversebepalingenbesluit Bodem (DBB Bodem)

De Vlaamse regering heeft een Diversebepalingenbesluit Bodem gepubliceerd dat een hele resem wijzigingen aanbrengt aan het Vlarebo, het uitvoeringsbesluit bij het Bodemdecreet.

Die wijzigingen hebben onder meer te maken met:

omschrijving van het begrip grond;

risico-inrichtingen en oude risico-inrichtingen;

gemeentelijke inventaris van de risicogronden;

overdracht van vrijstelling van beschrijvend bodemonderzoek en bodemsaneringsproject, of bodemsaneringsplicht;

cofinanciering voor bodemsaneringswerken;

vermengde bodemverontreiniging;

oriënterend bodemonderzoek;

inhoud, indiening en ontvankelijkheid van een bodemsaneringsproject, of beperkt bodemsaneringsproject;

individuele en sectorale bodempreventie- en bodembeheerplannen;

erkenning als bodemsaneringsorganisatie of als bodembeheerorganisatie; en

indeling van de risico-inrichtingen in klasse A, B, O en een nieuwe klasse I.

Het Diversebepalingenbesluit Bodem treedt in werking op 1 februari 2016.
Het besluit laat ook enkele losse bepalingen van het Bodemdecreet in werking treden op diezelfde datum. Meer bepaald de voorschriften over de integratie van de project-mer-procedure in het traject van het bodemsaneringsproject, en de kennisgevingsprocedure bij conformverklaring van een bodemsaneringsproject.

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 23 oktober 2015 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 2007 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de bodemsanering en de bodembescherming, BS 3 december 2015 (DBB Bodem).

We use cookies to record your language preference and enhance your surfing experience. Know more[OK]