Ordes van advocaten richten 'Centraal Register Solvabiliteit' in

Via de 'wet van 1 december 2016' wordt er een 'Centraal Register Solvabiliteit' ingericht. Dit register is de geïnformatiseerde gegevensbank, waar het faillissementsdossier wordt opgeslagen en bewaard. De 'Orde van Vlaamse Balies' en de 'Ordre des Barreaux francophones et germanophones' staan gezamenlijk in voor de inrichting en het beheer van het register.

Centraal Register Solvabiliteit

Het 'Centraal Register Solvabiliteit' is de geïnformatiseerde gegevensbank waarin het faillissementsdossier wordt opgeslagen en bewaard.
Het register bevat alle gegevens en stukken betreffende de faillissementsprocedure. Dat zijn onder meer alle gegevens en stukken die de curator nodig heeft om het passief van de gefailleerde te bepalen, zoals de schuldvorderingen, de processen-verbaal van verificatie, enz.
Het register geldt als authentieke bron voor alle akten en gegevens die erin zijn opgenomen.

Als gevolg van de inrichting van 'Centraal Register Solvabiliteit' past de wet van 1 december 2016 de faillissementswet aan en brengt ze een kleine wijziging aan in het Gerechtelijk Wetboek.

Inrichting en beheer register

De 'Orde van Vlaamse Balies' en de 'Ordre des barreaux francophones et germanophones' (art. 488, Ger. W.) staan gezamenlijk in voor de inrichting en het beheer van het register (wijziging art. 495, Ger.W.; art. 1, wet van 1 december 2016).

Aangezien het register persoonsgegevens bevat, zijn de Ordes (als beheerder van het register) verantwoordelijk het naleven van de privacywet bij de verwerking van deze gegevens.

De bewaartermijn van de gegevens betreffende de faillissementsprocedure bedraagt 30 jaar, te rekenen vanaf het vonnis van sluiting van het faillissement. Na afloop van de termijn worden de gegevens naar het Rijksarchief overgebracht.

De Ordes stellen een functionaris voor de gegevensbescherming aan. Die zal onder meer functioneren als contactpunt voor de 'Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer'.
Bij het uitoefenen van zijn opdrachten handelt de functionaris volledig onafhankelijk. Hij brengt rechtstreeks verslag uit aan de Ordes.

Toegang tot register

Het 'Centraal Register Solvabiliteit' is toegankelijk:

voor magistraten, griffiers, het openbaar ministerie, parketsecretarissen, curators, en rechter-commissarissen bij het vervullen van hun wettelijke opdracht;

voor de gefailleerden, schuldeisers en derden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen (advocaten in het kader van het faillissement);

voor de beheerder.

De beheerder van het register mag de gegevens betreffende de faillissementsprocedure niet verstrekken aan derden (personen die hierboven niet opgesomd zijn).

Wie deelneemt aan de verzameling, de verwerking of de mededeling van de gegevens betreffende de faillissementsprocedure of kennis heeft van deze gegevens, moet het vertrouwelijke karakter ervan in acht nemen.

Artikel 458 van het Strafwetboek is op hen van toepassing.

De beheerder - de 'Orde van Vlaamse Balies' en de 'Ordre des barreaux francophones et germanophones' (art. 488, Ger.W.) - staat in voor de werking en het gebruik van het register.

De Koning bepaalt, na advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, hoe de beheerder elke belanghebbende partij op de hoogte moet stellen van:

de gegevens die op haar betrekking hebben;

de categorieën van personen die toegang hebben tot deze gegevens;

de bewaartermijn van deze gegevens;

de verantwoordelijke voor de verwerking van de gegevens;

de wijze waarop zij inzage kan verkrijgen van de gegevens die zijn opgeslagen in het register.

Worden nog bij KB vastgelegd?

De Koning bepaalt ook, nadat hij het advies heeft ingewonnen van de beheerder en de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer:

de vorm en de nadere regels van de opname van gegevens in het register;

de nadere regels inzake de toegang tot het register;

de nadere regels voor de inrichting en werking van het register, en de gegevens van het register.

Persoonsgegevens gefailleerde, schuldeisers, curators en rechter-commissarissen

Met betrekking tot de gefailleerde, de schuldeisers, de curators en de rechter-commissarissen worden de volgende categorieën van persoonsgegevens in het register verwerkt :

de identificatiegegevens: dat zijn de unieke identificatiegegevens van de gefailleerde, de schuldeisers, de curators en de rechter-commissarissen, onder meer:de naam en voornamen van de natuurlijke persoon, of de naam van de rechtspersoon; de nationaliteit; het beroep; de unieke identificatienummers, nl. het identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen, en het identificatienummer van de Kruispuntbank van ondernemingen (KBO); het adres van inschrijving in het bevolkingsregister, en het adres van de maatschappelijke zetel;

gerechtelijke gegevens: dat zijn de gegevens in verband met het faillissementsdossier, onder meer:de rechtbank waarbij de procedure hangende is; het bedrag van de aangegeven schuldvordering; de naam en hoedanigheid van de partij in de procedure.

Retributie

Om de kosten te dekken voor het beheer van het register geeft het neerleggen van schuldvorderingen door schuldeisers in het register, de inzage van het faillissementsdossier via het register en het beheer van het faillissementsdossier middels het register aanleiding tot de inning van een retributie.
De Koning zal het bedrag, voorwaarden en nadere regels van inning bepalen.

Het bedrag van de retributie varieert naargelang de hoedanigheid van de partij die gebruik maakt van het register, de wijze van neerlegging en de hoegrootheid van het actief van de boedel. Dit bedrag wordt op 1 januari van ieder jaar aangepast aan de evolutie van het indexcijfer van de consumptieprijzen.

Overheidsinstellingen die in het kader van hun opdracht gebruikmaken van het register, moeten de retributie niet betalen.

Tijdswinst, verminderde werklast voor griffiers,?

De oprichting van dit register past binnen de informatisering van Justitie. Het zorgt onder meer voor heel wat tijdwinst, verminderde administratieve en verplaatsingskosten. Zo zullen de schuldeisers hun aangifte altijd en overal kunnen doen, zonder verplaatsing.

Daarnaast zal dit register ook de werklast van de griffiers doen dalen. Zij moeten bv. niet langer alle schuldvorderingen centraliseren want die worden nu bij de curator gedaan. En de processen-verbaal van verificatie van de schuldvorderingen worden ingevoerd in het 'Centraal Register Solvabiliteit'.
De inventaris van de curator wordt voortaan ingevoerd in het register en niet langer neergelegd ter griffie. Hetzelfde geldt voor de verklaring van de curator dat de activa ontoereikend zijn om de kosten voor het beheer en de vereffening van het faillissement te dekken.

Het uitgangspunt is de elektronische neerlegging van de schuldvorderingen. Er is wel een uitzondering voorzien voor de natuurlijke personen en voor rechtspersonen in het buitenland (aanvulling art. 62, faillissementswet; art. 18, wet van 1 december 2016). In die gevallen moet de curator de documenten omzetten naar elektronische vorm en invoeren in het register.
De Koning kan de vorm bepalen waarin de aangifte moet worden gedaan. De schuldeisers kunnen zich laten bijstaan door een derde, al dan niet een advocaat.

Indien de schuldvorderingen worden betwist, kan de curator de schuldeiser schriftelijk of elektronisch op de hoogte stellen (wijziging art. 68, faillissementswet; art. 21, wet van 1 december 2016).

Voortaan wordt de tabel die voordien werd toevertrouwd aan de griffier, door de curator opgesteld. Dit gebeurde al in de praktijk (wijziging art. 71, faillissementswet; art. 22, wet van 1 december 2016). Die tabel wordt eveneens ingevoerd in het register.

In werking

De wet van 1 december 2016 trad in werking op 31 december 2016.

Ze is van toepassing op de faillissementen die open worden verklaard vanaf 1 januari 2017.

Bron: Wet van 1 december 2016 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de faillissementswet van 8 augustus 1997 met het oog op de invoering van het Centraal Register Solvabiliteit, BS 11 januari 2016.

Zie ook:
- Gerechtelijk Wetboek, BS 31 oktober 1967 (Ger.W.) (art. 488 en art. 495)
- Faillissementswet van 8 augustus 1997, BS 28 oktober 1997;err. BS, 7 februari 2001.
- Wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, BS 18 maart 1993 (privacywet) (art. 1, § 4)

We use cookies to record your language preference and enhance your surfing experience. Know more[OK]